Depressief in de winter? Zo kom je er vanaf

Depressief in de winter? Zo kom je er vanaf

De blaadjes vallen van de bomen, het wordt kouder en de dagen worden korter. Winter is coming. Maar waar het najaar voor sommige mensen staat voor gezelligheid, zien anderen er als een berg tegenop. Zij zitten in de wintermaanden niet lekker in hun vel en raken - soms zelfs zwaar - depressief. Gelukkig is daar iets aan te doen. Psychiater en onderzoeker Dyllis van Dijk weet álles van seizoensgebonden depressies.

Ruim 400.000 Nederlanders (!) hebben elk jaar last van een winterdepressie. Vooral vrouwen.

Nee, het is geen fabel. Een winterdepressie komt vaak voor in Nederland en er zijn zelfs speciale behandelingen tegen. Niets om je voor te schamen dus. Zo’n ‘seizoensgebonden depressie’, zoals het ook wel wordt genoemd, is een gevolg van een verstoring van de natuurlijke dag- en nachtritmes van het lichaam. De meest voorkomende klachten? Extreme vermoeidheid, veel behoefte aan slaap, toegenomen eetlust, sombere gevoelens, niet meer kunnen genieten, minder behoefte aan sociale contacten, prikkelbaarheid en slechte concentratie.

Waarom de een wel last heeft van een winterdepressie en de ander niet, is niet geheel duidelijk. Zeker is dat ruim 400.000 Nederlanders (!) er elke winter last van hebben. Vooral vrouwen. De oorzaak is veelal een gebrek aan licht. In de winter zijn de dagen korter, neemt de lichtsterkte van de zon af en komt deze bovendien later op. Dit heeft effect op onze biologische klok, die daardoor in het najaar ontregeld kan raken. De eerste klachten van een winterdepressie ontstaan vaak al aan het begin van de herfst, bereiken in december en januari hun hoogtepunt en verdwijnen langzaam in het voorjaar. Overigens bestaan er ook zomerdepressies, al komen deze een stuk minder vaak voor.

Licht!

Gelukkig kan een groot deel van de patiënten profiteren van een behandeling. Lichttherapie speelt daarin een grote rol. Dyllis van Dijk, sinds 2015 als psychiater en onderzoeker verbonden aan PsyQ Haaglanden afdeling Depressie Ambulant, vertelt: “Uit onderzoek blijkt dat PsyQ een groot deel van de mensen met klachten kan helpen door middel van lichttherapie. Dit verlaagt de concentratie melatonine in het bloed waardoor de slaapbehoefte minder wordt en ook andere klachten afnemen. Tijdens een behandeling zitten patiënten op werkdagen zo’n 30 minuten voor een lichtbox. Ze worden blootgesteld aan wit licht, zonder UV, van een sterke intensiteit. De behandeling duurt één tot maximaal drie opeenvolgende weken. Als de behandeling aanslaat ervaren patiënten een verbeterde stemming én verbeterde slaap.”

Zo tackle je de ‘winterblues’

“We spreken pas van een seizoensgebonden depressie wanneer iemand in twee aaneengesloten jaren binnen een specifiek seizoen minimaal twee aaneengesloten weken last heeft van depressieve gevoelens,” vervolgt Van Dijk. Een dipje in de winter hoeft dus niet meteen een depressie te betekenen. Wel is het belangrijk om klachten serieus te nemen. Ook voor mensen die last hebben van zogenaamde ‘winterblues’, de milde vorm van een winterdepressie, heeft Van Dijk wat tips. “Sporten, gezond eten, ’s morgens naar buiten, het structureren van de dag én vooral niet slapen overdag, zullen bijdragen aan het vasthouden van een goed dag- en nachtritme en daarmee de klachten zoveel mogelijk beperken.”

 

Denk je dat je last hebt van een winterdepressie? Had je er vorig jaar ook al last van?

Let eens op deze symptomen:

Vermoeidheid en slaperigheid:

  • Extreme vermoeidheid
  • Veel behoefte aan slaap, zelfs als je al meer dan normaal slaapt
  • Verschuiving van het dag-nacht ritme, waarbij je je steeds later op de dag ‘wakker' voelt
  • Prikkelbaarheid
  • Slechtere concentratie

Neerslachtig en lusteloos:

  • Somberheid
  • Weinig tot niet meer kunnen genieten
  • Minder behoefte aan sociale contacten (soms zelfs afsluiting voor de buitenwereld)
  • Toename van je eetlust (koolhydraatrijk voedsel/snoep/alcohol)
  • Toename gewicht
  • Het gevoel hebben niet meer in balans te zijn

Je kunt ook online onze test invullen of contact opnemen met je huisarts.