Klinisch psycholoog bij PsyQ Martie de Jong en twee ervaringsdeskundigen vertellen over het ontstaan van onzichtbare eetstoornissen en hoe je kunt genezen.

"Eten beheerste letterlijk mijn leven, ik was er de hele dag mee bezig." Nina (28) leed negen jaar lang aan verschillende eetstoornissen. Op haar studie kon ze zich niet meer concentreren, sociale afspraken waren altijd beladen en sporten lukte fysiek niet meer. "Omdat ik eetbuien had en vervolgens braakte veranderde er weinig aan mijn uiterlijk waardoor mijn ziekte voor de buitenwereld onzichtbaar bleef." Ze leed in eenzaamheid.

Vaak weet niemand ervan
Eetstoornissen komen voor in alle lagen van de bevolking, maar het meest bij vrouwen - en niet alleen bij jonge tieners. Meer dan 30.000 vrouwen tussen de 15 en 29 jaar heeft een eetstoornis. Zo'n 4 procent van alle vrouwen krijgt in haar leven anorexia, 2 procent boulimia en 4 procent  een eetbuistoornis. Juist als eetstoornissen onzichtbaar zijn, zoals onder andere bij boulimia vaak het geval is, weet niemand ervan.

V.l.n.r.: Isabelle, Nina en klinisch psycholoog Martie de Jong.

Vicieuze cirkel
"Je ziet dat veel meiden al op jonge leeftijd last hebben van grote onzekerheid en een negatief zelfbeeld”, zegt Martie de Jong, zij is als klinisch psycholoog gespecialiseerd in complexe eetstoornissen. Mensen met een eetstoornis zoeken grip op het leven door te proberen hun eten en gewicht te controleren. Op de korte termijn geeft dat een goed gevoel, maar als ze de controle verliezen en eetbuien krijgen schamen ze zich enorm, trekken zich terug in isolement en belanden zo in een vicieuze cirkel waar ze niet meer uitkomen.

'Vertrouwde vriend'
Schaamte speelde ook bij Isabelle (22) een grote rol. Haar eetstoornis begon toen ze op de middelbare school wat was afgevallen en daarover veel complimenten kreeg. Ze was heel onzeker en het controleren van eten gaf haar even een bevredigend gevoel, maar uiteindelijk maakte het haar diep ongelukkig: "De eetstoornis was mijn hele leven geworden, maar ik kon het niet volhouden en voelde me een mislukkeling."

Hulp zoeken is moeilijk: je wilt geen eetstoornis, maar het biedt wél houvast. Nina: "Het voelde als een vertrouwde vriend, waar ik niet zomaar zonder kon." Wat zou er gebeuren als ze de eetstoornis kwijt zou raken? "Ik wist alleen met onzekerheid om te gaan door te eten."

Praten helpt
Hoe hoog de drempel ook is, het is van belang zo snel mogelijk hulp te zoeken. Ook als je al lange tijd worstelt met eten en twijfelt over behandeling is het goed om er over te praten, benadrukt Martie de Jong: "Hoe langer de eetstoornis duurt, hoe lastiger het is er weer vanaf te komen want een steeds groter deel van het leven wordt ingenomen door eten, niet eten, lichaam en gewicht."

De Jong is specialismeleider voedings- en eetstoornissen bij PsyQ en ze realiseert zich dat het veel dapperheid vraagt om hulp te zoeken, juist omdat de schaamte zo groot is. Maar ze ziet ook hoeveel mensen door behandeling genezen.

In de cognitieve gedragstherapie die PsyQ biedt, gaat het niet alleen over het eetprobleem, maar vooral ook over het negatieve zelfbeeld dat erachter schuil gaat. "Samen vinden we andere terreinen waar je een positief zelfbeeld aan kunt ontlenen."

Focus verleggen
Isabelle leerde bijvoorbeeld hoe ze de focus op eten kon verleggen naar iets wat ze graag doet: tekenen. "Ik ben nu 550 dagen eetbuivrij en ik heb al een jaar niet meer opzettelijk gebraakt." Ze heeft inmiddels weer veel plezier in haar studie Industrieel Ontwerpen en voelt zich goed.

Ook Nina is genezen en werkt nu als ervaringsdeskundige bij PsyQ om mensen die hulp zoeken te ondersteunen in hun proces naar herstel: "Tijdens de behandeling met een professional én een ervaringsdeskundige voelde ik me zelf voor het eerst echt gezien. Ik durfde de stap te zetten omdat ik wist: als ik val dan is er altijd nog een hand. Ik zag weer perspectief op hoe mooi het leven eigenlijk is."