Met schematherapie leer je je eigen schema's, overtuigingen en denkpatronen kennen. Schema's bepalen hoe je kijkt naar jezelf, naar anderen en de wereld om je heen.

Hoe kijk je naar jezelf en naar de wereld om je heen

Het uitgangspunt bij schemagerichte therapie is dat bepaalde (vroege) ervaringen in combinatie met iemands temperament hebben geleid tot bepaalde schema’s. Schema’s bepalen hoe je kijkt naar jezelf, naar anderen en naar de wereld om je heen. Voor de manier waarop je kijkt naar jezelf en anderen is de kiem dus gelegd in je kindertijd en is verder gegroeid door hetgeen je daarna hebt meegemaakt. De zo ontwikkelde schema’s voelen vertrouwd aan. Ervaringen worden vaak zodanig aangepast dat ze de juistheid van schema’s bevestigen. Er zijn achttien schema’s gevonden die in verschillende mate bij iedereen aanwezig zijn.

Voorbeelden van schema’s:

Wantrouwen/misbruik

De verwachting dat andere mensen je pijn zullen doen, je vernederen, je manipuleren of je bedriegen. Het gevoel dat je meestal aan het kortste eind trekt.

Emotionele deprivatie

De verwachting dat aan je normale behoefte aan emotionele steun niet adequaat tegemoet wordt gekomen door anderen. Het gevoel van gebrek aan aandacht, warmte en vriendschap. Missen van begrip, een luisterend oor of van het delen van gevoelens. Gevoel van afwezigheid van ondersteuning en begeleiding.

Zelfopoffering

Voortdurend in de gaten houden en vervullen van de behoeften van anderen, ten koste van zichzelf. Dit om te voorkomen dat andere mensen pijn ervaren en dat je egocentrisch wordt gevonden.

Valkuilen

In situaties waarvoor iemand gevoelig is, worden de schema’s geraakt. Omdat die juist iemands kwetsbare plekken vormen en daardoor veel emotie oproepen, reageren mensen vaak fel. Ze reageren te boos, voelen zich te verdrietig, te bang of te blij. Dit kan leiden tot gedrag waarvan iemand uiteindelijk last krijgt. Schema’s worden ook wel valkuilen genoemd. Sommige mensen geven zich over aan hun schema’s en vinden manieren om de pijn die zij daardoor voelen te vermijden of uit te doven. Anderen overschreeuwen zichzelf, waardoor ze niets meer hoeven te voelen. Zij gaan bijvoorbeeld nog harder werken dan ze al deden. Ze gaan nog meer hun best doen.

Doel van schemagerichte groepstherapie

Het opsporen, beïnvloeden en verandering van deze schema’s en valkuilen. Daarbij leer je  beter omgaan met bepaalde situaties in je leven. Onder begeleiding werk je samen met anderen aan de schema’s waarvan je last hebt. Je vindt herkenning en steun bij je groepsgenoten. Je leert van elkaar wat wel en niet kan helpen om schema’s te veranderen. Je leert elkaar om schema’s uit te dagen. Samen sta je tegenover het probleem.