Eetstoornissen komen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen en voornamelijk in de leeftijdscategorie tussen de 15 en 30 jaar. Maar ook steeds meer kinderen en jonge mannen ontwikkelen een eetstoornis.

Wat is een eetstoornis? In onderstaand filmpje vertelt Isabella over haar eetstoornis.

Boulimia? Zo erg was het bij mij toch niet?

Katja (40) had al tien jaar een moeizame relatie met eten toen zij twee jaar geleden naar de huisarts stapte. 'Ik deed altijd raar met eten. De laatste vijf jaar werd het extreem. Soms had ik vreetbuien en kon op strooptocht door het huis gaan.'

Niet mee-eten

"Dit werd afgewisseld met extreem diëten. Dan zat ik met astronautenvoer bij het kerstdiner of op een verjaardag. Sportte ik tot ik erbij neerviel. Of at ik drie dagen lang niets."

Katja’s omgeving zag dat ze soms flink afviel, maar dacht dat ze gewoon vaak op dieet was. ,,Tot ik op het punt kwam dat ik niet meer met mezelf door een deur kon. Wat de trigger was? Een soort onbewust besef dat ik niet langer zo door kon. En een slecht voorbeeld was voor mijn twee jonge kinderen. Het leverde thuis de nodige spanningen op omdat ik nooit meeat.’’

Katja had het al geprobeerd met een diëtiste, maar die kon haar niet goed helpen. ,,Zij had geen grip op mij. Ik hield me dan korte tijd aan haar voedingsschema’s, maar fietste er dan al snel mijn eigen schema’s doorheen.’’

Alles viel op z’n plaats

De huisarts verwees haar door naar PsyQ, waar ze een telefonisch consult kreeg. ,,Vervolgens had ik een intake in Beverwijk, wat ik een heel prettig gesprek vond. Ik moest de nodige enquêtes invullen en kreeg confronterende vragen over mijn eetgedrag. Dat ik bij de afdeling eetstoornissen zat, vond ik begrijpelijk. Ik had immers geen psychische stoornissen. Maar toen ik te horen kreeg dat ik boulimia had, schrok ik enorm. Zo erg was het toch niet bij mij? En ik had wel eetbuien, maar ik gaf niet over. Ik was met stomheid geslagen. Maar toen ik las dat boulimia niet per se gepaard gaat met overgeven, viel veel op zijn plaats. Eigenlijk kon ik bij alle andere kenmerken een vinkje zetten.’’

Inzicht in jezelf

Katja voerde vele gesprekken met een psycholoog waar ze een goede klik mee had. ,,Zij gaf mij inzicht in mijn gedrag. Wat deed ik mezelf aan en wat heeft het opgeleverd. Dit besef kwam heel geleidelijk. Maar hoewel ik er erg tegenop zag, heb ik ook dagen gehad dat ik gehuild heb van het lachen.’’ De psycholoog leerde Katja haar angsten onder ogen te zien. ,,Ik was doodsbang om veel aan te komen. Maar ik kreeg voedingsadviezen van een diëtiste die gespecialiseerd was in eetstoornissen. Zij leerde me dat ik met de schijf van vijf een normale hoeveelheid calorieën binnen kreeg zonder aan te komen. Bij mij was het altijd zwart-wit: of eetbuien, of een crash-dieet. Ik leerde dat er ook grijs is.’’

Er is altijd hoop

Katja is een half jaar onder behandeling geweest. ,,Toen moest ik het helemaal zelf gaan doen. Dat vond ik spannend, maar ik weet wat mijn valkuilen zijn en waar ik op moet letten.’’

Terugkijkend op de afgelopen jaren zegt Katja een heel ander persoon te zijn geworden. ,,Zo streng zijn als toen, kan ik niet meer. De vreetbuien heb ik ook niet meer. Ik zie nu in dat ik echt niet gezond bezig was. Ik zou graag meegeven aan andere mensen die kampen met een eetstoornis dat je echt die drempel over moet gaan. Er is altijd hoop aan het einde van de tunnel, maar je moet wel willen, durven en doen.’’