Tijdens of na het intakegesprek wordt de diagnose gesteld volgens criteria die beschreven staan in de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders). De DSM is een handboek waarin alle psychische stoornissen staan beschreven met bijbehorende voorwaarden.
Wil iemand bijvoorbeeld de diagnose paniekstoornis krijgen, dan wordt eerst gekeken of de criteria van een paniekaanval (voldoende) voorkomen in datgene wat de patiënt beschrijft.
Het vaststellen van een diagnose is belangrijk om te kijken of iemand voor hulp binnen het programma Angststoornissen wel op zijn plaats is, of om door te verwijzen naar de juiste afdeling. Ook is het van belang om een passende behandeling te bepalen.